Omgevingswet

De Omgevingswet is in de tussentijd meerdere keren uitgesteld. De wet treedt naar verwachting op 1 januari 2023 in werking. We liggen op schema om bij de daadwerkelijk inwerkingtreding goed voorbereid met het nieuwe instrumentarium aan de slag te kunnen. Een belangrijke stap daarin is de vaststelling van de Omgevingsvisie in 2022. De concept omgevingsvisie is tot stand gekomen na een uitgebreid participatietraject. Er is sprake van een dynamisch document (omgevingsvisie 1.0) waar we in de komende jaren verder aan werken om te komen tot een omgevingsvisie 2.0.

Na de inwerkingtreding van de Omgevingswet volgt een belangrijke periode die loopt tot 2030. Dat is de overgangstermijn die geldt om over te gaan naar de nieuwe gereedschapskist van de Omgevingswet en het op een nieuwe manier leren werken. Voor deze transitieperiode stippelen wij in 2022 een “Route 2030” uit. Een belangrijk onderwerp daarin is de zogenaamde ´bruidsschat´. Het Rijk decentraliseert een aantal bevoegdheden tot het vaststellen van regels op het gebied van milieu, geluid, geur, trillingen en bouwen. Deze landelijke regels blijven nog een tijd automatisch gelden, maar de gemeenteraad moet voor 2030 besluiten hoe hij met deze regels om wil gaan.

De nieuwe spelregels, de nieuwe gemeentelijke instrumenten voor beleid en regels en het digitale stelsel van de Omgevingswet bieden kansen. Voor de aanpak van maatschappelijke opgaven in de leefomgeving, zoals de woningbouwopgave of de energietransitie. Voor de versnelling en verbetering van besluitvorming over de leefomgeving. Voor de verbetering van onze dienstverlening voor onze inwoners en ondernemers. Om die kansen goed te benutten moeten we anders gaan werken. Integraler, slimmer, digitaler en vroegtijdig samenwerken met inwoners, ondernemers en andere partners. Participatie speelt daarin een belangrijke rol.